Hielprik & gehoortest

Tijdens de kraamtijd komt een screener van de GGD Ijsselland langs voor de hielprik en de gehoortest bij jouw baby. Dit gebeurt tussen dag 4 en dag 7. De gemeente regelt de hielprik en de gehoortest. Het is daarom belangrijk dat jij en jouw partner jullie kindje binnen drie werkdagen aangeven bij de gemeente waar hij of zij geboren is. Denk bij het doen van aangifte aan het meenemen van identiteitsbewijzen en eventueel het trouwboekje of de akte van erkenning.

De hielprik
Bij de hielprik neemt de screener enkele druppels bloed af uit de hiel van jouw kindje. In een laboratorium wordt het bloed onderzocht op een aantal zeldzame, maar ernstige aandoeningen. Deze aandoeningen zijn niet te genezen, maar als ze op tijd worden opgespoord, zijn ze vaak wel goed te behandelen. Het is dus voor de gezondheid van jouw kindje belangrijk dat jij meedoet aan de hielprik, maar het is niet verplicht.

De gehoortest
De screener doet de gehoortest met behulp van een zacht dopje in het oor. Door dit dopje klinkt een zacht ratelend geluidje. Het dopje is verbonden met een meetapparaat welke het gehoor meet. De test duurt enkele minuten en doet geen pijn. Na de test krijg je meteen de uitslag. Soms kan de test mislukken doordat er bijvoorbeeld smeer of water in het oor zit. De gehoortest wordt dan op een later moment herhaald.

Meer informatie over de hielprik en de gehoortest is te lezen op de website van het RIVM of in de folder ‘Screening bij pasgeborenen’.